Ayurveda En Pijn
Pijn wordt door Ayurveda niet behandeld met algemene pijnstillers zoals dit
gebeurt in de reguliere westerse geneeskunst. Bij de westerse aanpak wordt
aan iemand die bijvoorbeeld hoofdpijn heeft geadviseerd een paracetamol of
aspirine te slikken, etc. Als de pijn langdurig of te hevig is wordt pas een
onderzoek opgestart. Dit ligt bij Ayurveda anders. Een Ayurvedische arts zal
eerst onderzoeken waardoor de pijn veroorzaakt wordt. Komt dit doordat
pitta, kapha en/of vata uit balans zijn? Dit kan door stress zijn, door een virusof
bacteriële infectie, of doordat ama verhoogd is en daardoor een bepaalde
ziekte heeft veroorzaakt of dat daardoor een orgaan op de een of andere
manier niet naar behoren functioneren kan. Volgens Ayurveda is ama een
stinkende, kleverige, schadelijke substantie als voeding niet op de juiste wijze
of in zijn geheel wordt verteerd en dient zo grondig mogelijk uit het lichaam
verwijderd moeten worden om ziekten te voorkomen. Ama kan zich op alle
plekken in het lichaam bevinden. Als het spijsverteringsvuur (agni) in ons
lichaam niet naar behoren werkt zal het vormen van ama toenemen. De
Ayurvedische therapeut of arts zal de patiënt middels adviezen ten aanzien
van voeding, beweging, leven, Ayurvedische middelen en/of Pancha Karma
(reinigingsmethode) behandelen opdat de patiënt van zijn pijn af kan komen.
Ook kan hij daarnaast Ayurvedische middelen tegen de pijn voorschrijven.
N.B.: In de reguliere westerse geneeskunde is bekend dat zich in elke cel van
het menselijk lichaam zich voortdurend vezelige, verkleurde reststoffen uit
onze voeding ophopen. Deze afvalproducten zijn er – zo is de gedachte –
mede oorzaak van het fouten maken van DNA. Die fouten zijn nogal eens de
oorzaak van het ontstaan van kanker.
Geestelijke pijn kan veroorzaakt worden door geestelijkevervuiling.
Deze ontstaat door:
- negatieve gevoelens zoals haat, angst, hebzucht, wrok, zelfmedelijden,
woede
- psychische belasting zoals problemen in relaties of op het werk, het
overlijden van een geliefde persoon of door vervelende gebeurtenissen
- financiële problemen door bijvoorbeeld schulden, het verliezen van werk,
een echtscheiding
- luiheid, apathie, verveling
- een psychisch ongezonde omgeving bijvoorbeeld een omgeving waarin
zich veel dronken mensen bevinden of veel geweld (verbaal of nonverbaal) is
- negatieve sfeer in de omgeving waar men verblijft
- het lezen van gewelddadige, wrede, pornografische of schokkende lectuur
of het zien van dergelijke films
Verschillende fasen vóór het ontstaan van ziekten en de daaruit voortvloeiende pijn.
Ayurveda gaat er vanuit dat gaat ervan uit in de meeste gevallen (ongelukken daargelaten)
teveel opgehoopt ama in het lichaam maar ook in onze geest de veroorzaker is
van ziekten en de daaruit voortvloeiende pijnen. Door een ongezonde en negatieve manier
van leven, eten, bewegen, denken en handelen zowel lichamelijk als geestelijk wordt ons hele immuunsysteem negatief beïnvloed. Dit kan op den duur desastreuze gevolgen hebben voor
ons lichaam. Maar ook voor onze geest. Bij de ene mens zal dit eerder gebeuren dan bij een
ander omdat niemand gelijk is.
Volgens Ayurveda zijn bij het ontwikkelen van ziekten zes fasen te onderscheiden, te
weten:
- Ophoping of toename van één of meerdere doshas
- Ernstige verhoging of verstoring. De opgehoopte dosha(s) waar te veel van is hoopt
zich op totdat hij het punt heeft bereikt waarop deze dosha zich buiten zijn normale
gebied gaat verspreiden.
- Verspreiding. Deze opgehoopte dosha gaat zich nu door het hele lichaam verspreiden.
- Op een plek vasthechten. De dosha die zich aan het verspreiden is gaat zich vasthechten
aan een plek waar die dosha niet thuishoort.
- Verschijnen van symptomen. In deze fase ontstaan lichamelijke symptomen op de plek
waar betreffende dosha zich heeft vastgehecht .
- Doorbreken van ziekte. In deze fase breekt een echte ziekte uit.
De eerste drie fasen geven meestal nog geen last en zijn derhalve moeilijk te voelen.
Als je je echter heel bewust bent van de werking van je lichaam, zul je kunnen merken
dat er iets mis is of iets mis aan het gaan is en dat je je niet helemaal gezond meer voelt. Bijvoorbeeld: als je je niet helemaal fit voelt. Het beste is dan naar de oorzaak daarvoor
te gaan zoeken en de voeding, het bewegen en de leefwijze aan te passen. Ook kan reiniging (Pancha Karma) van het lichaam in deze fasen ontzettend doeltreffend zijn.
Als er sprake is van de andere twee fasen dan is Ayurvedische medische behandeling (en bij een aantal ziekten zoals kanker, hartinfarct, hersenbloeding, etc. reguliere westerse medische behandeling eventueel in combinatie met Ayurveda) noodzakelijk.
Ziekten, pijn en de doshas.
Er zijn drie doshas Vata, Pitta en Kapha. Elke dosha heft zijn eigen plaats waar hij in het lichaam zetelt en iedere dosha kent ook zijn eigen subdoshas die ook eigen plekken in het lichaam hebben.
Vata wordt echter gezien als de koning van de doshas. Zonder vata kan bijna geen ziekte tot stand komen. Vata is het algemene principe van beweging, de drijvende kracht van het lichamelijk functioneren.
Door dit bewegingsprincipe beheerst vata de bloedsomloop, de ademhaling en het zenuwstelsel. Het is ook verantwoordelijk voor de geestelijke energie. Daardoor hebben circa 60% van de ziektepatronen hun oorzaak in een onevenwichtigheid van vata.
Pitta is het principe van transformatie. Pitta is verantwoordelijk voor de verandering van de chemische samenstelling in onze fysiologie. Kenmerkend voor pitta zijn de processen van spijsvertering en de regeling van lichaamstemperatuur maar ook in de ogen is pitta werkzaam. Het zorgt voor de omzetting van visuele beelden naar gedachten.
Kapha is het principe van cohesiviteit. Het vermaterialiseert de voorgaande processen en geeft stabiliteit en kracht. Het is een belangrijk element bij immuniteit, zorgt voor de lichaamsweefsels en geeft het lichaam stabiliteit door middel van de botten.
Vata–algemeen zetelt in : dikke darm, buikholte, beenderen, dijen, voeten, oren en huid.
De subdosha prana-vata is gezeteld in hart en longen. Prana betekent letterlijk: dat wat stroomt. Het onttrekt vitale kracht uit de lucht en zorgt voor de bloedcirculatie en de ademhaling. Het wekt honger en dorst op en laat het hart, de geest en de zintuigen functioneren. Prana moet gezien
worden als een constante levensstroom. Als deze subdosha uit balans is, kan zich dit overal in het lichaam uiten, bijvoorbeeld: ademhalingsproblemen, hartklachten, etc. De subdosha udana-vata heeft als belangrijkste locatie de keel en alles wat zich daar boven bevindt. Het is verantwoordelijk onder andere voor spraak, wilskracht en geheugen. Als deze subdosha verstoord is kan zich dit
o.a. uiten in ziekten van ogen, oren, neus en keel en in alles boven het sleutelbeen.
De subdosha vyana-vata is een verspreidende kracht die diverse circulaties zoals bloed door het lichaam doet stromen. Het zorgt voor impulsen zoals geeuwen en het knipperen van de ogen. Als deze subdosha verstoord is kan dit zich o.a. uiten in pijnen en koorts.
De subdosha samana-vata is een inwendige stroom die prana (letterlijk: dat wat stroomt) en udana (opwaartse kracht) in evenwicht brengt, vervult een belangrijke functie bij de enzymatische werking in het spijsverteringsproces. Het verdeelt de voedingssappen na vertering
en stuurt de afgewerkte resten naar de dikke darm. Het is gezeteld in maag en dunne darm (tussen hart en navel). Als deze subdosha verstoord is kan zich dit o.a. uiten in spastische darmen en constipatie (dit laatste wegens gebrek aan sappen in de darmen) De subdosha apana-vata is een neerwaartse stroom die zorgt voor uitscheiding van urine, ontlasting, menstruatie en zaadlozing en is gezeteld in blaas, navel, dijen, testikels, uterus en eierstokken. Als deze subdosha verstoord is kan dit zich o.a. uiten in ziekten van het bekken (uterus, blaas en rectum), onvruchtbaarheid, verstoring van menstruatie (teveel of te weinig en onregelmatig).
Pitta-algemeen zetelt zich in het voorhoofd, de twaalfvingerige darm, de lever, milt, ogen en in
transpiratie.
De subdosha pahcaka-pitta heeft als belangrijkste locatie de dunne darm en de twaalfvingerige darm en de maag. Het speelt een belangrijke rol bij de spijsvertering en reguleert de lichaamstemperatuur. Als deze subdosha verstoord is kan zich dit o.a. uiten in indigestie. Ook kan er brandend maagzuur, maagzweren of een onregelmatige spijsvertering ontstaan.
De subsdosha ranjaka-pitta bevindt zich in de rode bloedcellen, de lever en de milt. Het regelt de ingewikkelde processen die verband houden met de aanmaak van gezonde rode bloedcellen, het in evenwicht houden van de samenstelling van het bloed en het distribueren van voedingsstoffen via de bloedstroom. Als deze subdosha verstoord is, kan zich dit o.a. uiten in bloedarmoede,
leukemie geelzucht.
De subdosha sadhaka-pitta die gezeteld is in hart en hersenen, zorgt na de waarneming door de zintuigen voor verdere verwerking van impulsen in het cerebrum. Het is daarom belangrijk bij het proces van vorming van gedachten. Het is een belangrijk onderdeel voor het geheugen en spreken. Als deze subdosha verstoord is kan zich o.a. dit uiten in een shock, een coma, geheugenverlies of een hartaanval.
De subdosha alochaka-pitta heeft als belangrijkste locatie de ogen en is datgene wat het zien van de ogen teweegbrengt. Het zet licht en kleur om voor verdure impulsverwerking in de hersenen. Als deze subdosha verstoord is, kan zich dit o.a. uiten in oogklachten (zien) en blindheid.
De subdosha bhrajaka-pitta die zich in de huid bevindt, zorgt voor verwerking van zonlicht op de huid en bepaalt op deze wijze de kleur van de huid. Als deze subdosha verstoord is kan zich dit o.a. uiten in bleekhuid, koude huid, matte huid, huidkanker en allerlei soorten huidziekten.
Kapha-algemeen zetelt in de borst en het hoofd, in de gewrichten, de keel, vet en maag.
De subdosha avalambaka-kapha die gezeteld is in de borst, de longen en het onderste gedeelte van de rug. Deze subdosha houdt de borst, de longen en de rug sterk. Als deze subdosha verstoord is, kan zich dit uiten in hartklachten (benauwdheid op de borst en/of hartverzwakking), longklachten (ondermeer astma) en klachten aan de onderrug.
De subdosha kledaka-kapha die gezeteld is maag en ingewanden, zorgt voor verdere bevochtiging van het voedsel in de maag en verteert het voedsel in fijnere deeltjes. Als deze subdosha verstoord is, kan zich dit uiten in maagklachten door onvoldoende bescherming van de
binnenwand van de maag tegen te heet, te koud, te scherp voedsel en te weinig bevochtiging van het voedsel waardoor het minder goed kan worden afgebroken. Of er kan slijmvorming en ingewanden in de maag ontstaan.
De subdosha tarpaka-dosha die gezeteld is in de bijholten van de neus, het hersenvocht en het hoofd, heeft een kalmerende en verkoelende werking op de zintuigen. Het zorgt ook voor het op peil houden van het hersenvocht en is daardoor van essentieel belang voor het centrale
zenuwstelsel. Als deze subdosha verstoord is, kan zich dit uiten in o.a. minder hersenvocht, neusverstopping, hooikoorts, algemene afstomping van de zintuigen.
De subdosha bodhaka-kapha die gezeteld is in de tong, mond en keel, zorgt voor bevochtiging van het voedsel bij inname en herkenning van de smaak. Als deze subdosha verstoord is kan dit van invloed zijn op de smaakgewaarwording, minder bevochtiging van het voedsel en
verdunning van hete en irriterende voedselsubstanties (het eerste gedeelte van de spijsvertering begint in de mond), slijmvorming een droge mond of teveel speeksel.
De shleshaka-kapha, die gezeteld is in de gewrichten in het hele lichaam, zorgt voor de kleverige substantie tussen de gewrichten en is dan ook van belang voor een goed functioneren van de gewrichten. Als deze subdosha verstoord is kan zich dit uiten in stijfheid van gewrichten,
minder goed functioneren van gewrichten.
Als vata uit evenwicht is, zal er sprake zijn van: pijn, spasmen, krampen, rillingen en bevingen
Als pitta uit evenwicht is, zal er sprake zijn van: ontstekingen, koorts, erge honger en dorst, brandend maagzuur, aanvallen van hitte
Als kapha uit evenwicht is, zal er sprake zijn van: overgewicht, slijmafscheiding, een zwaar gevoel,vasthouden van vocht, inactiviteit, te lang slapen
Mensen met een vata-constitutie hebben o.a. aanleg voor:slapeloosheid, chronische constipatie, nerveuze maag, angst en depressie, spierspasmen of krampen, premenstrueel syndroom, gevoelige darmen, chronische pijn, hoge bloeddruk en aandoeningen aan de gewrichten.
Mensen met een pitta-constitutie hebben o.a. aanleg voor: huiduitslag, acne, brandend maagzuur, maagzweren, vroeg grijs of kaal worden, slechte ogen, vijandigheid, zelfkritiek, hartaanvallen in verband met stress.
Mensen met een kapha-constitutie hebben o.a. aanleg voor: overgewicht, verstopte neusbijholten, kou op de borst, pijnlijke gewrichten, astma, allergieën, depressie, diabetes mellitus, hoog cholesterol en chronische traagheid in de morgen.


